Door verder te klikken op onze website, accepteert u cookies en vergelijkbare technieken. Hiermee verzamelen we persoonsgegevens en volgen wij uw internetgedrag. Klik op de knop meer informatie voor onze privacy statement.

 
 
 
 

Een lopend vuurtje 

Soms gaat nieuws als een lopend vuurtje rond: iemand hoort een interessant verhaal en vertelt het direct door aan twee anderen. Die vertellen het op hun beurt weer door aan vier anderen, en zo gaat het door. Binnen korte tijd weet iedereen het. Door social media wordt dat vuurtje zelfs nog veel harder opgestookt! 

Met Pinksteren was er ook sprake van vuur. Misschien ken je het verhaal wel (of lees het in Handelingen 2). De leerlingen van Jezus waren bij elkaar om het Pinksterfeest te vieren*.

Nou ja, vieren? Ze waren vást niet in de stemming om feest te vieren, want hun vriend en grote voorbeeld was nog niet lang geleden (50 dagen, om precies te zijn) aan het kruis gestorven.

Nu stonden ze er écht alleen voor. Ze overlegden met elkaar wat ze konden doen om de woorden en daden van Jezus door te vertellen aan anderen, zoals hij hen had gevraagd. Dat wilden ze graag voor hem doen, want dan zou hij niet vergeten worden en zou zijn dood niet voor niks zijn.

Maar ja, hoe pak je zoiets aan?

De vrienden van Jezus heetten dan wel ‘leerlingen’, maar dat wil niet zeggen dat ze op school hadden gezeten. Waarschijnlijk niet, zelfs, dus ze hadden nog nooit voor een groep klasgenoten gestaan om een spreekbeurt te houden. En les in een andere taal hadden ze natuurlijk al helemaal niet gehad! Hoe ga je dan aan onbekende mensen uit de hele wereld vertellen wat voor een geweldig iemand Jezus van Nazareth was? Zou jij het durven?

Nou, de leerlingen in elk geval niet.

Maar dan gebeurt er volgens het Bijbelverhaal iets bijzonders: de Heilige Geest, die Jezus vóór zijn sterven heeft beloofd, komt via een windvlaag en vuurvlammetjes naar de leerlingen. 

Dat is het mysterie van Pinksteren. Het níeuwe Pinksteren, niet het oogstfeest maar het feest van het ontstaan van de gemeente van Jezus Christus.

Die vlammetjes, die tongen van vuur boven de hoofden van de leerlingen van Jezus – misschien zijn die wel het symbool van een lopend vuurtje. Slechts een kleine groep mensen vertelde eeuwen geleden een interessant verhaal van een man die voor liefde en vrede streed maar als een misdadiger aan het kruis werd genageld, en dat verhaal ging en gaat nog steeds als een lopend vuurtje door de wereld. Dat moet wel een heel sterk vuurtje zijn, denk je niet?

Mieke Bleys

Stel je voor: Je weet dat je nog maar één week te leven hebt. Wat ga je dan doen? Wie wil je zien, en wie niet?
Geef je een afscheidsfeestje of huil je de hele dag? We kruipen even in de huid van Jezus. Hij weet dat hij nog maar kort te leven heeft. Hij weet niet precies hoe lang het nog duurt voordat het mis gaat, en hij weet ook niet precies op welke manier. Maar hij weet wel, dat hij nog héél veel zou willen vertellen aan zijn vrienden, waarvan hij hoopt dat ze zijn belangrijke werk voort
zullen zetten. Wat als ze zijn woorden niet onthouden?
Of het belang ervan niet inzien? Geen moed meer hebben als hij er niet bij is? Is dan al zijn inzet voor niks geweest? Hij huivert ervan, want de wereld heeft het verhaal van Gods liefde en trouw voor alle mensen hard nodig!

Nog één keer wil hij het paasfeest gaan vieren in Jeruzalem, samen met zijn beste vrienden. Onderweg wordt hij verrast door een uitgelaten menigte, die hem als een held – als een koning – toejuicht langs de kant van de weg. Jezus is dankbaar dat hij hen met zijn verhaal heeft weten te raken. Maar hij weet ook dat dit niet zijn echte vrienden zijn. Zij zijn zoals fans van een popidool of supporters van een voetbalclub. Vandaag roepen ze ‘hosanna’, en morgen ‘kruisig hem!’ In die laatste week blijken echter zijn beste vrienden een teleurstelling.

Ze horen nauwelijks wat hij hun zo 
dringend moet vertellen; ze zijn druk met van alles, maar niet met zijn sterven. Ze willen gewoonweg niet geloven dat hij er straks niet meer is en doen hun vingers in de oren. En juist daardoor kunnen ze er niet voor hem zijn wanneer hij hen nodig heeft. Ze vallen zelfs in slaap terwijl hij smeekt om met hem te bidden om de angstige momenten te doorstaan.

En tot slot komt het grote verraad. Verraad komt niet van je vijand, maar van je geliefden en vrienden, zegt een spreuk. En zo is het. Eerst is er Judas met zijn verraderlijke kus. En later Petrus, die doet alsof hij nog nooit van Jezus heeft gehoord. Het zullen je vrienden maar zijn!

Jezus had zich zijn laatste week vast anders gewenst. Maar hij bleef trouw aan zijn boodschap aan de wereld: er is hoop zolang je gelooft dat (Gods) liefde ons allemaal verbindt. In dat vertrouwen stierf hij.
En toen werd het Pasen.

Mieke Bleys